Cornelia Worms
Cornelia Worms
1757-1832
Op de website van het Amsterdam Museum staat een brief van mij aan Cornelia Worms waarin ik mijn bewondering voor haar uitspreek.
Jeugd
Cornelia Worms werd geboren in 1757 in Kampen. Ze is de oudste dochter van Engelbart Worm uit Doesburg en Willemina Weijers uit Amsterdam. Als Cornelia 2 jaar is, verhuist het gezin naar Doesburg. Op haar 7e jaar vestigen ze zich in Amsterdam.
Wees
Als Cornelia 13 jaar is, overlijdt haar moeder en anderhalf jaar later ook haar vader. Cornelia wordt op 24 juni 1772 met haar zusjes Aletta (12,5 jaar) en Helena (10 jaar) opgenomen in het Grootmeisjeshuis van het Aalmoezeniersweeshuis. Ze is dan 14¾ jaar oud. Haar jongste zusje Geertruij die pas 4½ jaar is, wordt in het Burgerweeshuis opgenomen. Normaal is dat het weeshuis dan de nagelaten inboedel van wezen uit hun huis haalt. De inboedel wordt verkocht en de opbrengst wordt door het weeshuis beheert. Bij het verlaten van het weeshuis krijgen de kinderen hun -renteloze- deel. De inboedel uit huize Worms wordt opgehaald uit hun huis aan de Lindegracht. Veel is die niet waard: f51:10, na aftrek van kwart deel van het zusje in het Burgerweeshuis, blijft er nog 38 gulden over.
[inname Corn Worms 24-6-1772 det A21510000038]
De inschrijving van Cornelia en haar twee oudste zusjes in het Aalmoezeniersweeshuis op 24 juni 1772. Ze worden alle drie op het Grootmeisjeshuis geplaatst.
In het Aalmoezeniersweeshuis woont ook Pieter Vermeij. Hij is vier jaar eerder op 12-jarige leeftijd, samen met zijn broer Jacob als weeskind opgenomen. Bij hun opname wordt vermeld dat ze hebben lopen bedelen. Mogelijk hebben ze dat gedaan in de tijd dat hun vader in het Gasthuis opgenomen was en ze er alleen voor stonden. Het was overigens niet de eerste keer dat de jongens met het Aalmoezeniersweeshuis te maken kregen. Vier jaar eerder zijn ze ook al bij de gasthuismin in huis geweest. Hun moeder was toen al overleden.
[inname Pieter vermeij 5-2-1768 det KLAB02543000012]
De inname van Pieter en Jacob Vermeij in het Aalmoezeniersweeshuis op 5 februari 1768. De jongens hadden lopen bedelen op straat. Ze moeten het daarbij erg koud gehad hebben, want de winters waren in die tijd erg streng.
Huwelijk
[huw Corn Worms Vermeij 1780 A20706000052 det] De huwelijksinschrijving van Cornelia en Pieter. Ze wonen nog in het Aalmoezeniersweeshuis en trouwen met toestemming van de regenten. Cornelia en Pieter verlaten tegelijk het Aalmoezeniersweeshuis met uitzet in mei 1780. Reden dat ze uitgaan is dat ze trouwen. Omdat ze allebei nog minderjarig zijn, hebben ze toestemming voor hun huwelijk nodig van hun ‘vaders’, de regenten van het Aalmoezeniersweeshuis. Ze zullen het niet makkelijk gehad heb de eerste jaren van hun huwelijk. De overgang van het weeshuis waar alles voor je verzorgd werd naar een zelfstandig huishouden was voor ex-Aalmoezeniersweeshuiskinderen zwaar. Pieter is waarschijnlijk opgeleid tot scheepstimmerman en gaat als zodanig aan de slag. Ze wonen aanvankelijk in de Het Wapen van Delfsteeg, die uitkomt op de Amstel, toentertijd tegenover het Diaconieweeshuis, nu tegenover de Stopera. Hun eerste drie kindjes worden daar geboren. Hun oudste dochtertje Aagje overlijdt er vlak na de geboorte van Engelbert, hun tweede kindje.
[Gezicht op Wittenburg vanaf het IJ 1782] Wittenburg van het het IJ in 1782. In het midden de Oosterkerk, waar een aantal van hun kinderen gedoopt werd.
Na de geboorte van hun derde kindje gaan ze op Wittenburg naast een chirurgijn in de Kleine Wittenburgerstraat wonen. Op de oostelijke eilanden bevinden zich veel scheepswerven. Het is een echte scheepstimmerliedenbuurt. De scheepswerven floreren niet meer. Waarschijnlijk brengt het werk van Pieter niet genoeg op om een groter gezin te onderhouden.
Min
[1784-12-2 Jan Jansen 1e amwh kind]
De eerste inschrijving van Cornelia Worm in het Uitbesteedboek van 1784. https://archief.amsterdam/inventarissen/scans/343/2.3.2.5.1/start/180/limit/10/highlight/5
Cornelia besluit vier jaar na hun huwelijk min te worden voor het Aalmoezeniersweeshuis. Ze hebben dan twee kinderen: Engelbert van 2 jaar en de pasgeboren Aletta. Het eerste kindje dat ze in huis heeft, overlijdt na 2 maanden. Onmiddellijk daarna krijgt ze het tweede kindje. Als zgn. ’ natte min’ is ze waardevol voor het weeshuis dat altijd met tekorten aan zogende minnen kampt. In de eerste 10 jaar ontwikkelt Cornelia zich als een min die niet veel kinderen in huis heeft, maar hen wel gezond weet te houden. Opvallend veel kinderen kan ze aan het weeshuis overdragen. Na 1800, als haar eigen kinderen hun tienerjaren bereikt hebben, neemt ze regelmatig kinderen op voor wie de regentessen geen andere opvang kunnen vinden. De kinderen blijven korte tijd en worden dan bij een andere min geplaatst. Ook krijgt ze steeds vaker kinderen die er slecht aan toe zijn. Het gezin is rond 1789 naar de Kadijk verhuisd en vandaar in circa 1793 naar Oostenburg. Aldoor dicht bij het werk van Pieter.
Gasthuismin
[1806-7-2 Corn Worms GH min KLAL02201000037]
In de regentenvergadering van 2 juli 1806 is de aanstelling van Cornelia tot gasthuismin het enige agendapunt.
In 1806 maakt ze de overstap naar een vaste aanstelling bij het Aalmoezeniersweeshuis als gasthuismin. Daarvoor is het nodig dat ze dichter bij het weeshuis gaat wonen. Een gasthuismin moet regelmatig assisteren bij de inname van vondelingen en bij het onderzoek naar de herkomst van kinderen. Het gezin gaat op de Looiersgracht wonen. In haar tijd als gasthuismin krijgt ze alleen kinderen in huis die tijdelijke opvang behoeven omdat hun vader en/of moeder in het ziekenhuis ligt of geïnterneerd is in het Werkhuis of een tuchthuis. Het zijn over het algemeen oudere kinderen.
Kinderen ook min
[gezin Cornelia en Pieter.JPG]
Voor de eigen kinderen zal het vaak niet makkelijk geweest zijn, telkens die nieuwe kinderen in huis die aandacht van hun ouders vroegen. Gevolg zou kunnen zijn dat ze het liefst niet meer met het Aalmoezeniersweeshuis te maken zouden willen hebben. Voor de kinderen van Cornelia en Pieter is het tegendeel waar. Zoon Engelbert trouwt in 1805. Zijn vrouw, Susanna Hesterman, wordt net als haar schoonmoeder een belangrijke min voor het Aalmoezeniersweeshuis. Ook dochter Aagje wordt min na haar huwelijk in 1809. Oudste dochter Aletta trouwt in 1808 en wordt in dat jaar eveneens min. Haar man, Joost Hendrik Ziegelaar is een vondeling uit 1785. Haar eerste minnenkind is een meisje van 11 jaar. Daarna krijgt ze zelf kinderen en krijgt ze uiteraard borstvoedingskinderen. In 1812 trouwt jongste dochter Maria met Jan van Doorn, een vondeling die in 1792 in het Aalmoezeniersweeshuis opgenomen werd. Hij is als vondeling net als zijn zwager Joost Ziegelaar, niet bij Cornelia in huis was geweest, maar bij een andere min in de Jordaan.
Stadsbestedelinghoudster en minnenmoeder
Na de opheffing van het Aalmoezeniersweeshuis blijft Cornelia kinderen opvangen voor het Instituut voor Stadsbestedelingen. Bij haar overlijden op 22-11-1832 wordt als beroep Stadsbestedelinghoudster opgegeven. Ook bij het huwelijk van haar zoon in 1805 wordt Cornelia met een beroep genoemd: minnenmoeder. Dit is de enige min van wie ik dit gevonden heb. In die tijd was ze nog geen gasthuismin, maar kennelijk ervoer zij dit wel als haar werk of overwoog ze toen al om er echt haar beroep van te maken als de kans zich voordeed.
[overl Corn Worm BUSA01817000090 (2)]
De aangifte van Cornelia’s overlijden. Haar zoon Engelbert en schoonzoon Jan van Doorn doen de aangifte. Jan van Doorn is een vondeling uit 1792. Hij is getrouwd Maria, met de jongste dochter van Cornelia en Pieter. Na hun huwelijk of mogelijk na het overlijden van Pieter, zijn ze bij Cornelia gaan wonen.
Klik hier voor de nakomelingen van Cornelia Worms en Pieter Vermeij